
Het Solvency II project leidt tot een interne Europese markt met een nieuw solvabiliteitsraamwerk voor Europese verzekeraars. Het Verbond voor Verzekeraars spreekt van een ‘Europees geharmoniseerd, prudentieel toezichtsysteem dat sterk risico
georiënteerd is.
Het systeem moet de consument beschermen door risico's van verzekeraars in kaart te brengen. Door een striktere solvabiliteitseis, moeten verzekeraars meer kapitaal als reserve aanhouden. Risicobeheersing gaat een centrale rol spelen.
Wat is nu het effect van deze veranderingen op de verzekeringsmarkt en waar kan ICT verzekeraars uitkomst bieden?
De huidige eisen aan verzekeraars zijn vastgelegd in Europese richtlijnen uit de vorige eeuw. Na aanleiding van een onderzoek naar de solvabiliteitsvereisten werden er in 2002 versneld hervormingen doorgevoerd, Solvency I.
Toch bleven er zwakke punten bestaan die door maatschappelijke en economische ontwikkelingen zichtbaar werden in een instabielere return op de beleggingsportefeuilles van verzekeraars.
Ook bleken de aanpassingen nog niet te zorgen voor de gewenste bescherming van polishouders en was de kwaliteit van verzekeringsproducten niet op het door de toezichthouders gewenste niveau. De buffer van een verzekeraar werd bijvoorbeeld berekend op basis van relatief eenvoudige modellen waarin te weinig rekening werd gehouden met daadwerkelijke risico's. Dit werd helaas bevestigd in de afgelopen kredietcrisis.
Solvency II richt zich op de balans tussen solvabiliteit en risico's die een verzekeraar loopt. Verzekeraars moeten bovendien investeren in een goed risicomanagement en meer rapporteren over hun financiële gezondheid aan publiek en toezichthouders. Deze aanpassingen zijn gericht op de bescherming van de consument, meer transparantie en de mogelijkheid tot vergelijking op Europees niveau.
Verwacht wordt dat veel verzekeraars moeten inkrimpen of stoppen met verzekeren. Dit doordat zij zich niet kunnen conformeren aan de striktere eisen voor beschikbaar reserve kapitaal (SCR) en het minimale solvabiliteitsniveau (MCR). Het kapitaal in de buffers van verzekeraars kan niet worden gebruikt voor investering, waardoor Solvency II aanzienlijk effect zal hebben op de toekomstige doelstellingen. Verzekeraars zullen moeten kiezen in welke markten ze actief willen blijven en sommige af moeten stoten.
De financiële gevolgen van de nieuwe richtlijnen, zullen leiden dat naar schatting nog maar 25 procent van de schadeverzekeraars kan blijven bestaan. In Nederland zijn, binnen Solvency II, ongeveer 225 schadeverzekeraars actief. Dat zijn er relatief veel, vergeleken met de 30 zorg- en 65 levensverzekeraars. Het premievolume is voor de schadeverzekeraars het laagst. Kleinere verzekeraars kunnen ook minder risicospreiding bereiken, waardoor hogere marges moeten worden aangehouden in vergelijking met grotere verzekeraars. Door een verhoogd risico moet de buffer ook worden verhoogd.
Deze financiële gevolgen gelden natuurlijk voor alle besproken segmenten. Uit een onderzoeksrapport van KPMG komt naar voren, dat voor alle grotere verzekeraars de invoering, in combinatie met IFRS 4 (fase II), miljoenen euro's gaat kosten. De kleinere verzekeraars kunnen een kostenstijging verwachten van een aantal tonnen. Alle verzekeraars die niet kunnen voldoen aan de nieuwe richtlijnen, zijn verplicht hun portefeuilles over te dragen aan partijen die dat wel kunnen. Een grote consolidatieslag wordt verwacht in de markt.
Om al deze polissen over te dragen, zijn conversietrajecten nodig. Gegevens in systemen bij verzekeraar A, moeten worden aangepast naar de systemen van verzekeraar B. Diverse redenen maken conversietrajecten vaak kostbaar om uit te voeren. Onderzoek van de Standish Group geeft aan dat 90 procent van conversietrajecten bij verzekeraars uitlopen in tijd of mislukken. Een slechte uitvoering van de technische aspecten binnen het conversietraject, blijkt regelmatig de oorzaak te zijn.
Sinds een uitspraak van het Europese hof van Justitie in 2009, moet vanaf 2010 btw worden afgedragen over zowel doorverkopen van polissen als de overdracht van herverzekeringscontracten. Ook moeten polishouders over wijzigingen worden geïnformeerd, zeker als er wijzigingen in het aangeboden product moeten worden doorgevoerd.
Een conversietraject moet dus zo effectief mogelijk worden uitgevoerd om onnodige kosten en overhead te voorkomen. Na grondige analyse en monitoring kunnen zo veel mogelijk processtappen worden geautomatiseerd. Ook is begeleiding bij afhandeling van menselijke handelingen onmisbaar.
In de beginfase van een conversietraject is het van belang om een geschikte methode te kiezen voor de specifieke situatie. Er zijn twee methodes te onderscheiden. Een technische conversie bestaat uit een datamigratie tussen een bron- en doelsysteem, terwijl bij een commerciële conversie de klant actief wordt betrokken. De klant krijgt bijvoorbeeld een aanbod om over te stappen naar een nieuw product. Bij complexe trajecten is het nodig om een combinatie tussen beide methodes toe te passen. Door beide aspecten van het proces effectief uit te voeren ligt de succesratio van uw conversietrajecten hoger.
De beste oplossing komt neer op een tweeledige aanpak. Ten eerste de beheersing van de technische aspecten en ten tweede de communicatieve en commerciële aspecten rondom een conversietraject.
Onder de technische aspecten vallen het in kaart brengen en beheersen van alle elementen in het datalandschap binnen een organisatie. Met het toepassen en inregelen van een softwarematige oplossing als spin in het web, om alle losse elementen te verbinden.
Belangrijk bij de keuze voor een specifieke softwarematige oplossing, is de aanwezigheid van een hoge mate van configureerbaarheid. Om constant inzicht te houden in het verloop van het traject, moet monitoring plaats vinden. Ook zijn managementrapportages en audit trail-functionaliteit essentieel.
Onder de communicatieve en commerciële aspecten rondom een conversietraject spelen professionele aansturing en begeleiding de grootste rol. Tijdens de verschillende fasen van het conversietraject blijft interne communicatie cruciaal en is het onmisbaar dat er monitoring plaatsvindt. Hierdoor kan direct worden bijgestuurd op signalen uit alle kanalen. De positieve klantervaring staat bovendien voorop in alle externe contactmomenten. Meer efficiëntie in deze klantprocessen kan worden behaald met customer journey mapping, een proces waarbij optimale synergie tussen kanalen kan worden behaald.
Dit artikel is geschreven door Sander Meilink, Marketing Manager bij Vixion BV en gepubliceerd in de digitale versie van InFinance en op de website van Infinance.